Naar de inhoud
Blokkenwiki
Zoeken

Minecraft commands en cheats: de meest gebruikte op een rij

Redactie Blokkenwiki · bijgewerkt op 13 oktober 2026 · Java 26.1

In het kort: Commands, ook wel cheats genoemd, typ je in de chat met een schuine streep ervoor. Ze werken alleen als opdrachten aan staan: bij een nieuwe wereld met Opdrachten toestaan, in een bestaande wereld via Openen voor LAN en op een server als operator. Deze gids geldt voor Java 26.1.

De meest gebruikte commands in één tabel

Minecraft commands, in het Nederlandse spel opdrachten en door veel spelers cheats genoemd, zijn regels tekst die je in de chat typt en die het spel direct uitvoert. Deze lijst geldt voor Java Edition 26.1. Waar Bedrock anders werkt, staat het erbij.

Command Wat het doet Voorbeeld
/gamemode Wisselt van spelmodus /gamemode creative
/tp Teleporteert je naar een plek of speler /tp 100 64 -200
/give Geeft een voorwerp /give @s diamond 64
/fill Vult een gebied met één blok /fill ~-5 ~-1 ~-5 ~5 ~-1 ~5 stone
/setblock Zet één blok neer /setblock ~ ~-1 ~ glass
/clone Kopieert een stuk bouwwerk /clone 0 64 0 10 70 10 100 64 100
/locate Zoekt een gebouw of biome /locate structure ancient_city
/gamerule Past een spelregel aan /gamerule keep_inventory true
/time Verzet de klok /time set day
/weather Verandert het weer /weather clear
/kill Doodt mobs of spelers /kill @e[type=zombie]
/summon Roept een mob op /summon zombie ~ ~ ~
/effect Geeft een effect /effect give @s night_vision 600
/enchant Betovert wat je vasthoudt /enchant @s sharpness 5
/xp Geeft ervaring /xp add @s 30 levels
/seed Toont de seed van de wereld /seed
/difficulty Zet de moeilijkheid /difficulty hard
/spawnpoint Zet jouw spawnpunt /spawnpoint
/setworldspawn Zet het spawnpunt van de wereld /setworldspawn
/tick Bevriest of versnelt het spel /tick freeze

Coördinaten, chunks, de tijd versnellen en de F3-toetsen staan uitgebreider in de gids over coördinaten en chunks.

Cheats aanzetten

Commando's werken alleen als opdrachten zijn toegestaan. Dat regel je op drie manieren.

Nieuwe wereld. Zet bij het aanmaken "Opdrachten toestaan" op Aan. In oudere versies heette die knop "Cheats toestaan", vandaar de naam cheats.

Bestaande wereld. Druk op Esc en kies "Openen voor LAN". Zet opdrachten toestaan op Aan en klik op "LAN-wereld starten". Vanaf dat moment werken alle commando's, tot je de wereld afsluit. De volgende keer doe je het opnieuw.

Server. Op een server mag alleen een operator commando's gebruiken. De eigenaar typt in de serverconsole op Naam, of een bestaande operator typt /op Naam in de chat.

In Bedrock Edition zet je in de wereldinstellingen cheats aan. Let op: daarmee kun je in die wereld geen achievements meer halen.

Zo zit een command in elkaar

Open de chat met T, of druk meteen op de schuine streep. Elk commando begint met /, daarna de naam, daarna de onderdelen met spaties ertussen. De volgorde ligt vast. Weet je niet wat er moet komen, druk dan op Tab: het spel vult aan wat op die plek mag staan.

Doelkiezers

Op de plek van een spelersnaam mag je ook een doelkiezer (target selector) zetten.

Kiezer Wie het kiest
@s Jijzelf, of wie het commando uitvoert
@p De dichtstbijzijnde speler
@a Alle spelers
@r Een willekeurige speler
@e Alle entiteiten: spelers, mobs en ook losse items
@n De dichtstbijzijnde entiteit, van welke soort ook

Met rechte haken erachter maak je de keuze kleiner. @e[type=zombie] kiest alleen zombies, @e[type=creeper,distance=..10] alleen creepers binnen 10 blokken en @a[gamemode=survival] alleen spelers in survival. In Bedrock heten sommige filters anders: daar is afstand r en het maximumaantal c.

Relatieve coördinaten: ~ en ^

Een plek geef je op als drie getallen: X, Y en Z. Je hoeft ze niet uit je hoofd te weten.

  • De tilde ~ betekent "vanaf waar ik sta". ~ ~10 ~ is tien blokken recht boven je, ~5 ~ ~ vijf blokken naar het oosten.
  • Het dakje ^ rekent vanuit je kijkrichting. De drie waarden zijn links, omhoog en vooruit. ^ ^ ^5 is vijf blokken recht voor je neus.

Tildes en gewone getallen mag je mengen, bijvoorbeeld ~ 64 ~. Dakjes niet: gebruik je er één, dan moeten alle drie de waarden een dakje hebben.

/gamemode: van spelmodus wisselen

Het gamemode command zet jou of een andere speler in een andere spelmodus. Eerst komt de modus, daarna als je wilt de speler. Laat je de speler weg, dan geldt het voor jezelf. De vier modi zijn survival, creative, adventure en spectator.

/gamemode creative

Veelgemaakte fout: /gamemode 1 of /gamemode c typen. In Java werken cijfers en afkortingen niet, je schrijft de modus voluit. In Bedrock mogen ze wel.

/tp: teleporteren

Het tp command, voluit /teleport, verplaatst jou of iemand anders in één keer naar een plek of naar een andere speler. Met alleen drie coördinaten teleporteer je zelf. Zet je er een speler of doelkiezer voor, dan gaat die erheen. Met twee namen gaat de eerste naar de tweede.

/tp Anna 100 64 -200

Veelgemaakte fout: de namen omdraaien. /tp Anna Bram brengt Anna naar Bram, niet andersom. Meer voorbeelden, ook voor teleport naar de Nether, staan in coördinaten en chunks.

/give: voorwerpen geven

Het give command stopt een voorwerp in iemands inventaris. De volgorde is: wie het krijgt, het id van het voorwerp en als je wilt het aantal. Zonder aantal krijg je er één.

/give @s diamond 64

Dat geeft jou 64 keer diamant. Het id is de Engelse naam in kleine letters met onderstrepingstekens, zoals diamond_sword. Zie je het id niet, zet dan met F3 + H de geavanceerde tekstballonnen aan.

Veelgemaakte fout: de speler vergeten. /give diamond 64 werkt niet in Java, het spel wil eerst weten wie het voorwerp krijgt. Vraag je een veel te groot aantal, dan weigert het spel ook.

/fill: een gebied vullen

Het fill command vult een rechthoekig gebied met één soort blok. Je geeft twee tegenoverliggende hoeken op en daarna het blok. Het spel vult alles ertussen, de hoeken zelf tellen mee.

/fill ~-5 ~-1 ~-5 ~5 ~-1 ~5 stone

Dit legt een vloer van 11 bij 11 blokken steen onder je voeten. Achter het blok mag je een werkwijze zetten:

Werkwijze Wat er gebeurt
replace Vervangt alles. Dit is de standaard
keep Vult alleen waar nu lucht is
outline Vult alleen de buitenkant, de binnenkant blijft zoals hij was
hollow Vult de buitenkant en maakt de binnenkant leeg
destroy Vervangt alles en laat de oude blokken als voorwerp vallen

Na replace mag een tweede blok staan. Dan vervangt het spel alleen dat blok:

/fill ~-10 ~-5 ~-10 ~10 ~5 ~10 air replace water

Veelgemaakte fout: een te groot gebied kiezen. Het spel wijzigt standaard hoogstens 32.768 blokken per commando en meldt anders dat er te veel blokken in het gebied zitten. Die grens is de gamerule max_block_modifications. Deel een groot gebied op in stukken.

/setblock: één blok plaatsen

/setblock doet hetzelfde als fill, maar dan voor één blok. Je geeft één positie en het blok.

/setblock ~ ~-1 ~ glass

Het blok onder je voeten wordt glas. Ook hier is replace de standaard. Met keep plaatst het spel alleen iets als er op die plek lucht zit, met destroy breekt het oude blok af.

Veelgemaakte fout: twee posities opgeven. Dat is fill. Setblock neemt er precies één.

/clone: bouwwerken kopiëren

Het clone command kopieert alle blokken uit een gebied naar een andere plek. Je geeft drie posities: twee hoeken van het origineel en daarna de plek van de kopie. Die derde positie is de laagste noordwestelijke hoek van de kopie, dus de hoek met de kleinste X, Y en Z.

/clone 0 64 0 10 70 10 100 64 100

Erachter mag masked staan, dan kopieert het spel geen lucht mee. Daarna kun je nog een werkwijze kiezen: met masked move of replace move verdwijnt het origineel na het kopiëren.

Veelgemaakte fout: een doel kiezen dat het origineel overlapt. Het spel weigert dat met de melding dat bron en bestemming niet mogen overlappen. Zet er replace force achter, zoals in /clone 0 64 0 10 70 10 5 64 5 replace force, of kies een plek verderop. Voor clone geldt dezelfde grens van 32.768 blokken als voor fill.

/locate: gebouwen en biomes vinden

/locate zoekt het dichtstbijzijnde gebouw of biome en geeft de coördinaten en de afstand. Na /locate komt eerst wat je zoekt: structure voor een gebouw of biome voor een landschap. Daarna het id.

/locate structure ancient_city
/locate structure trial_chambers
/locate biome cherry_grove

Zo vind je snel een ancient city, de trial chambers of een kersenboomgaard. Dorpen bestaan in meerdere soorten, daarvoor gebruik je de groep: /locate structure #village. Druk na structure op Tab voor de hele lijst.

Veelgemaakte fout: het tussenwoord weglaten. In oude uitleg staat /locate ancient_city. Dat werkt niet meer, structure of biome is verplicht. Zoek ook in de juiste dimensie: een gebouw uit de Nether vind je niet vanuit de Bovenwereld.

/gamerule: spelregels zoals keep inventory

Een gamerule is een instelling van je wereld. Na /gamerule komt de naam van de regel en daarna de nieuwe waarde. Laat je de waarde weg, dan toont het spel wat er nu staat.

/gamerule keep_inventory true

Dit is keep inventory: je houdt je spullen en je ervaring als je doodgaat. Andere veelgebruikte regels zijn mob_griefing (mogen mobs blokken slopen), advance_time (loopt de dag door) en advance_weather (verandert het weer).

Veelgemaakte fout: de oude naam typen. Sinds Java 1.21.11 zijn alle gamerules in kleine letters met een onderstrepingsteken geschreven. keepInventory geeft in 26.1 een foutmelding, het is keep_inventory. De tabel met oude en nieuwe namen staat in coördinaten en chunks. In Bedrock is het /gamerule keepinventory true.

/time: dag en nacht

Met /time set zet je de klok op een moment. Het spel kent vier namen: day, noon, night en midnight. Een getal in ticks mag ook. Met /time add schuif je de klok vooruit.

/time set day
Naam Tick
day 1000
noon 6000
night 13000
midnight 18000

Veelgemaakte fout: denken dat de tijd nu stilstaat. De klok loopt gewoon door. Wil je altijd dag, zet dan daarna /gamerule advance_time false. In 26.1 is /time omgebouwd naar klokken. Het oude /time query daytime uit veel uitleg bestaat daardoor niet meer.

/weather: het weer

Na /weather komt het soort weer: clear, rain of thunder. Daarachter mag een duur in ticks staan, 20 ticks is één seconde. Zonder duur kiest het spel zelf hoe lang het aanhoudt.

/weather clear

Veelgemaakte fout: verwachten dat het zo blijft. Na een tijd slaat het weer vanzelf weer om. Met /gamerule advance_weather false zet je het vast.

/kill: mobs en spelers doden

/kill doodt wat je aanwijst. Zonder iets erachter ben je zelf het doel. Met een doelkiezer kies je wie of wat er verdwijnt.

/kill @e[type=zombie]

Veelgemaakte fout: /kill @e typen. Dat doodt alle entiteiten in de geladen wereld: jezelf, je dieren, villagers en ook de losse items op de grond. Zet er altijd een type bij.

/summon: een mob oproepen

/summon zet een mob of andere entiteit in de wereld. Eerst komt het id, daarna als je wilt de plek. Zonder plek verschijnt hij waar jij staat.

/summon zombie ~ ~ ~

Veelgemaakte fout: monsters oproepen op vredig. Staat de moeilijkheid op peaceful, dan weigert het spel vijandige mobs. Zet eerst /difficulty easy.

/effect: effecten geven en weghalen

Met /effect give krijgt iemand een effect. De volgorde is: wie, welk effect, hoeveel seconden en de sterkte. Zonder tijd duurt het 30 seconden. In plaats van een aantal seconden mag je infinite typen.

/effect give @s night_vision 600

Dat geeft je tien minuten nachtzicht. Met /effect clear @s haal je al je effecten weer weg.

Veelgemaakte fout: de sterkte verkeerd tellen. Die begint bij 0. /effect give @s speed 60 1 geeft dus Speed II, niet Speed I. In Bedrock laat je het woord give weg: daar is het /effect @s night_vision 600.

/enchant: betoveren zonder tafel

/enchant zet een betovering op het voorwerp dat het doel in de hand houdt. Je typt wie, welke betovering en het niveau.

/enchant @s sharpness 5

Dat zet Sharpness V op het zwaard in je hand. Het commando houdt zich aan de gewone regels: de betovering moet bij het voorwerp passen en het niveau mag niet boven het maximum komen.

Veelgemaakte fout: /enchant @s sharpness 10 proberen. Het spel meldt dan dat 10 hoger is dan het maximum voor die betovering. Sharpness op een pikhouweel lukt ook niet. Hoe betoveren normaal werkt, lees je in betoveren uitgelegd.

/xp of /experience: ervaring geven

/xp en /experience zijn hetzelfde commando. Na de naam kies je add (erbij), set (vastzetten) of query (opvragen). Dan volgen de speler, het aantal en het woord levels of points.

/xp add @s 30 levels

Veelgemaakte fout: de oude korte vorm /xp 30L typen. Die bestaat in Java niet meer. Zet er ook altijd levels of points achter, dan weet je zeker welke van de twee je geeft. In Bedrock heeft het commando wel de korte opbouw: daar komt het aantal direct na /xp.

/seed: de seed van je wereld

/seed heeft geen onderdelen. Het spel toont de seed, het getal waaruit je wereld is opgebouwd. Met die seed kan iemand anders precies dezelfde wereld maken.

/seed

Veelgemaakte fout: het op een server proberen zonder rechten. Daar mag alleen een operator de seed opvragen.

/difficulty: de moeilijkheid

Na /difficulty typ je peaceful, easy, normal of hard. Zonder iets erachter toont het spel de huidige stand.

/difficulty hard

Veelgemaakte fout: /difficulty 2 of /difficulty h. In Java schrijf je het woord voluit. In Bedrock mogen cijfers en beginletters wel.

/spawnpoint en /setworldspawn

Deze twee lijken op elkaar, maar doen iets anders.

  • /spawnpoint zet het spawnpunt van één speler: de plek waar die terugkomt na doodgaan. Zonder iets erachter is dat voor jezelf, op de plek waar je staat.
  • /setworldspawn zet het spawnpunt van de wereld: de plek waar nieuwe spelers beginnen.
/spawnpoint Anna 100 64 -200

Veelgemaakte fout: de twee verwisselen. Wil je dat iedereen die nieuw binnenkomt bij je dorp begint, dan heb je /setworldspawn nodig. Met /spawnpoint verander je alleen iets voor de speler die je noemt.

/tick: het spel bevriezen of versnellen

/tick regelt de snelheid van het spel zelf. /tick freeze zet alles stil behalve de spelers, /tick unfreeze laat het weer lopen en /tick rate met een getal bepaalt het aantal ticks per seconde. Normaal is dat 20.

/tick freeze

Veelgemaakte fout: vergeten terug te zetten. Na /tick rate 100 blijft je wereld vijf keer zo snel lopen tot je /tick rate 20 typt. Voor /tick heb je op een server hogere rechten nodig dan voor de andere commando's in deze gids, en het bestaat alleen in Java. Voorbeelden met /tick sprint staan in coördinaten en chunks.

Tekst een kleur geven

Voor gekleurde tekst in /tellraw en /title heb je kleurnamen of kleurcodes nodig. Die staan met voorbeeldkleur in de lijst met color codes.

Veelgemaakte fouten op een rij

  • Opdrachten staan uit. Herkent het spel een commando niet dat wel goed gespeld is, open dan de wereld voor LAN met opdrachten aan.
  • Uitleg voor Bedrock volgen. /gamemode 1, /effect @s speed en /gamerule keepinventory zijn Bedrock. De verschillen tussen de edities staan in Java vs Bedrock.
  • Oude namen gebruiken. keepInventory, /locate ancient_city en /xp 30L komen uit oudere versies van Java.
  • Dakjes en tildes mengen. ^ ~ ^5 werkt niet. Kies één soort.
  • Een doelkiezer zonder filter. @e is alles. Zet er type= bij.

Veelgestelde vragen

Welke Minecraft commands gebruik je het meest?

De commando's die spelers het vaakst gebruiken zijn /gamemode om van spelmodus te wisselen, /tp om te teleporteren, /give voor voorwerpen, /gamerule keep_inventory true om je spullen te houden en /time set day om het dag te maken. Bouwers gebruiken daarnaast /fill en /clone. Ze werken alleen als opdrachten in je wereld aan staan.

Hoe zet je cheats aan in Minecraft?

Bij een nieuwe wereld in Java zet je "Opdrachten toestaan" op Aan. In een bestaande wereld druk je op Esc, kies je "Openen voor LAN" en zet je daar opdrachten aan. Dat geldt tot je de wereld afsluit. Op een server moet een operator je met /op rechten geven.

Hoe werkt het fill command in Minecraft?

Het fill command vult een rechthoekig gebied met één blok. Je typt /fill, dan twee tegenoverliggende hoeken en dan het blok, bijvoorbeeld /fill ~-5 ~-1 ~-5 ~5 ~-1 ~5 stone voor een stenen vloer onder je. Per commando wijzigt het spel standaard hoogstens 32.768 blokken. Met replace en een tweede blok erachter vervang je alleen dat ene blok.

Wat is het tp command in Minecraft?

Het tp command is /tp, de korte vorm van /teleport. Met /tp 100 64 -200 ga je naar X 100, Y 64, Z -200. Met /tp Naam ga je naar een andere speler en met /tp Anna Bram breng je Anna naar Bram. Opdrachten moeten aan staan.

Hoe teleporteer je in Minecraft?

Open de chat met T en typ /tp met drie coördinaten erachter, bijvoorbeeld /tp 100 64 -200. Wil je naar een speler, typ dan /tp en de naam. Met een tilde teleporteer je vanaf je eigen plek: /tp ~ ~10 ~ zet je tien blokken hoger. Staan opdrachten uit, dan werkt /tp niet.

Hoe zet je keep inventory aan in Minecraft?

Typ in Java 26.1 /gamerule keep_inventory true. Daarna houd je na je dood je spullen en je ervaring. De oude schrijfwijze keepInventory werkt sinds Java 1.21.11 niet meer. Uitzetten doe je met /gamerule keep_inventory false.

Hoe krijg je een command block in Minecraft?

Een command block, in het Nederlandse spel opdrachtblok, kun je niet maken en vind je niet in survival. Zet opdrachten aan en typ /give @s command_block. Je kunt het blok alleen in creative instellen. Het voert daarna een commando uit zodra het een redstonesignaal krijgt.

Wat is een gamerule in Minecraft?

Een gamerule is een spelregel van je wereld die je met een commando aan of uit zet. Met /gamerule en de naam zie je de huidige waarde, met een waarde erachter verander je hem. Bekende voorbeelden zijn keep_inventory, mob_griefing en random_tick_speed. In Java 26.1 schrijf je alle namen in kleine letters met onderstrepingstekens.

De tekst is met hulp van AI geschreven en nagekeken tegen de spelgegevens en de bronnen hieronder. Hoe we werken · Fout gezien?

Bronnen (32)